olavenhill.reismee.nl

Alle aapjes kijken...

Wat een mooie tocht hebben wij de afgelopen 3 dagen gemaakt! Om 3 dagen in een blog te vangen kost een paar letters, daarom alvast onze excuses voor de lengte ervan. We denken dat we iets fantastisch hebben meegemaakt dus als je de tijd hebt om het te lezen....doen!

De reis

We hebben de drukke stad Jakarta achter ons gelaten en zijn zaterdagochtend op het vliegtuig gestapt naar Pankalan Bun om via Kumai het nationaal park Tanjung Puting te bezoeken. Pankalan Bun is een klein vliegveld op Kalimantan, het één na grootste eiland van Indonesië. De vlucht was met 'Trigana Air', een kleine luchtvaartmaatschappij. Hoe klein werd duidelijk toen onze taxichauffeur het bestaan van de maatschappij niet kende en moest vragen op de luchthaven waar hij ons precies moest afzetten. Soekarno-Hatta (de luchthaven) heeft blijkbaar een aparte plek voor binnenlandse vluchten, en wat voor een plek! Kleine hangars doen dienst als incheckplekken waar twee mensen (heren) achter een balie zitten met achter deze twee heren nog twee mensen (dames). Voor zover wij kunnen zien, we moeten best wel een tijdje in de rij staan, gaat het inchecken op de volgende manier. De boekingsbevestiging wordt bekeken, samen met je paspoort, en daarna doorgegeven naar achteren. Je paspoort krijg je wel gelijk terug. De twee dames maken voor zover wij op kunnen maken met de hand een reizigerslijst terwijl de mannen de bagage wegen en (pelan-pelan) voorzien van een label. Daarna vult de 'bagagemeneer' een boardingpas met de hand in. Het gate-nummer schrijft hij ergens rechtsboven in een hoek van de boardingpas. Hoe laat er precies gevlogen gaat worden, snappen we niet helemaal. We zijn om 07:30u op de luchthaven omdat wij door hebben gekregen dat de vlucht om 09:15 gaat (± anderhalf uur van te voren). Bij de gate staat ineens de tijd van 09:50. Het is compleet onduidelijk dus we proberen goed naar de omroepberichten te luisteren. Uiteindelijk werden we om 08:40 door de omroepdame verteld dat vlucht 'tujuh-kosong-delapan' aan het boarden was op gate C1. We werden bij het boarden vanuit de luchthaven een trap af gestuurd om zo bij ons vliegtuig te komen. Dit moest gewoon met een trappetje aan de zijkant. We zaten gelukkig op de plekken met extra beenruimte lekker vlak voor de vleugel. Gelukkig wist Hilleke mij pas na de vlucht te vertellen dat er op de vleugel een schroefje uitstak(!) anders had ik op een hele andere manier in 't vliegtuig gezeten. Het vliegveld van Pankalan Bun is er eentje met maar 1 start- en landingsbaan. We werder daar opgewacht door Pak Yono (Mr. Yono) die met ons op de bagage wachtte alvorens ons in een taxi te duwen die ons naar Kumai bracht. Pak Yono stapte op een motor voor de rit naar Kumai die ongeveer een half uurtje duurde.

De boottocht naar Tanjun Harapan

In Kumai werden we naar een boot gebracht met daarop kapitein Pak Arsyad en de kokkin Ibu Niah. Naast Pak Yono zouden zij ons de komende 3 dagen voorzien in alles wat nodig is. Na vertrek eerst maar eens eten. Ibu Niah had een heerlijke lunch klaargemaakt en ons eerste 'local food' was een feit. Na de lunch even een laatste SMS gestuurd naar het thuisfront aangezien we in de jungle geen bereik hebben en daarna de telefoon lekker uit. Tijdens de boottocht naar onze eerst stop vertelt Pak Yono ons over Tanjung Puting en de dieren die we allemaal kunnen zien tijdens onze reis. We komen natuurlijk voor de Orangutang maar hij weet ons te vertellen dat er ook nog Makaken, Proboscis Monkeys (neusapen), krokodillen, Beo's, Kingfishers en wilde zwijnen zijn. De neusapen hebben de bijnaam 'monyet Belanda'. Weten we gelijk hoe Indonesiers de Nederlanders zien, haha! Op onze reis zullen we naar 3 plekken gaan waar Orangutans gevoerd gaan worden. Dit is vooral bijvoederen voor het geval de jungle niet compleet kan voorzien in het eetgedrag van de apen. Er zijn dagen dat er geen enkele Orangutan komt naar de bijvoederplek, maar onze gids weet te vertellen dat het seizoen voor de vruchten nog niet begonnen is en dat daarom de kans zeer groot is dat ze wel komen. Soms komt er maar 1, soms komen ze met z'n 10'en. Daar is geen pijl op te trekken. Onze eerste stop is 'Tanjun Harapan'. Een voederplek diep in de jungle. Even daarvoor is er een tropische regenbui over ons heen getrokkenen (ga thuis met kleding en al onder de douche staan en je weet hoe dat is) en de jungle is erg vochtig hierdoor. Omdat het hoogseizoen is zijn we niet alleen. Er meren nog 4 andere boten aan en we lopen met een man of 20 naar de voederplek. Terwijl we over het pad lopen zien we ineens een Orangutan voor ons! We weten niet hoe gauw we de camera moeten pakken terwijl de aap voor ons uit naar de voederplek loopt. Bij de voederplek aangekomen klimt hij handig een boom in en wacht tot de man met het voer aankomt. Tijdens dit wachten poseert hij rustig voor ons in z'n boom. Het lijkt hem niet te deren, al die aandacht. Als de verzorger met de bananen komt is hij als eerste bij het platform om zoveel mogelijk bananen te pakken (in z'n mond, armen en handen) en deze mee de boom in te nemen. Terwijl wij ons verbazen over de hoeveelheid die hij in 1 keer mee kan nemen horen we achter ons nog meer geritsel van bladeren. Daar komen er nog meer, zegt de gids. Na een tijdje zijn er 5 Orangutans waarvan 1 een moeder met jong is. We nemen alle tijd om deze dieren in hun natuurlijke omgeving te fotograferen en te filmen. Het is fantastisch om dit van dichtbij mee te kunnen maken. Na een klein uurtje aapjes kijken gaan we terug naar de boot. Er staat pisang goreng op ons te wachten. We varen nog een klein stukje alvorens we aanmeren en ons klaarmaken voor het avondeten en de nacht. De volgende dag moeten we weer bij zonsopgang opstaan om door te gaan naar de tweede voederplek, Camp Leakey.

Camp Leakey

Na een onrustige nacht (op een boot, in een vreemde omgeving, terwijl de tropische regenbuien je om de oren vliegen) staat er om 7 uur ontbijt voor ons klaar. De tocht naar Camp Leakey wordt ingezet. Ik praat ondertussen met de gids over van alles en nogwat. Hij vertelt dat de neusapen soms zwemmen. Ik kijk hem nogal ongeloofwaardig aan. Nog geen 5 minuten nadat hij dit gezegd heeft zien we een groep neusapen hoog vanuit de bomen het water in springen om naar de overkant te komen. De boot stopt gelijk en wij proberen de apen in hun vlucht op de gevoelige plaat vast te leggen. Het is ongelofelijk van welke hoogte de apen naar beneden storten. De gids vindt ons maar geluksvogels want dit zie je niet vaak. Wij zijn dan ook erg blij dat we dit fenomeen hebben kunnen aanschouwen. Bij Camp Leakey aangekomen meren we aan bij een steiger. We zijn de enige boot omdat we erg vroeg zijn dus we kunnen dit in alle rust doen. Op de steiger staat een Orangutan ons op te wachten. Voor het eerst staan we op een paar meter afstand van dit geweldige dier. Hij loopt niet op ons af maar gaat ook niet van ons weg. Wij lopen door naar het kamp om het informatie centrum over de Orangutan's te bezoeken. Het gaat vooral over het onderzoek dat gedaan wordt naar deze dieren en hoezeer ze met uitsterven worden bedreigd door palmolie plantages. Als we weer teruglopen naar de boot om te lunchen komen we een jonge Orangutan tegen. Zijn moeder zit verderop. Als we proberen foto's te maken van de kleine komt moeder in beweging en komt naar ons toe. Ze probeert de camera van Hill te pakken die dit natuurlijk niet toelaat. Wel zet onze gids ons even op de foto met mama. Na de lunch zijn we ook naar het voederen gaan kijken maar onze aandacht ging vooral uit naar een Gibbon. Deze was erg brutaal terwijl deze normaal erg schuw zijn. Er werd ons verteld dat het komt omdat deze Gibbon in gevangenschap is geboren.

Pondok Tangai

Na Camp Leakey is het enige wat we nog niet gezien hebben een 'king-orangutan' zoals ze hem noemen. Het mannetje die we als leider kunnen aanmerken. Als we aankomen bij deze laatste plek van onze drie-daagse excursie staat er een groot mannetje op een steiger. De 'king' is daar. Ook hier staan we op slechts een paar meter van hem af. We verbazen ons er toch elke keer weer over hoe makkelijk het hier gaat. Als je in de Apenheul zou vragen of je even bij de Orangutans naar binnen mag denken wij dat ze je voor gek verklaren omdat dat 'veel te gevaarlijk' is. Wel hebben we geleerd dat je niet mag zwemmen in de rivier in verband met krokodillen. Tot 2001 mocht dit nog wel, toen is er een Engelse toerist opgegeten. Toen hebben ze er maar voor gekozen om waarschuwingsborden te plaatsen. Een beetje aan de late kant maar... beter laat dan nooit zullen we maar zeggen!

Rimba Lodge

De laatste nacht verblijven we in de Rimba Lodge. Een paar blokhutten die zeer luxe aandoen als je twee nachten op een boot hebt moeten slapen. Ze hebben hier electriciteit dus we kunnen ook lekker de laptop opladen die we de afgelopen dagen op de boot wel gebruikt hebben om de SD-kaartjes van de camera's leeg te maken. We slapen nog steeds in de jungle met alle geluiden die daarbij horen van Makaken, Neusapen en krekels maar we slapen nu wel in een kamer met badkamer (een warme douche!) en airco. Morgen zullen we, weer met Trigana-air, vertrekken naar Semarang en vandaar naar de Borubudur en Yogyakarta. Geen idee hoe de vleugel dit keer wel vast zit en maar onze fantastische ontmoetingen met deze primaten nemen ze ons in ieder geval niet meer af!

Groetjes,

Olav en Hill

Doel 1 gehaald!

Na een reis van ca. 30 uur hebben we het gehaald, we zijn in Jakarta! Al op Kuala Lumpur werden we direct gedwongen om ons in te stellen op het Aziatische ritme. Een half uurtje wachttijd om bij te tanken en passagiers op- en over te laten stappen, werd al snel ruim een uur. De Maleise passagiers namen werkelijk van alles en nog wat mee als handbagage en dit werd allemaal afzonderlijk door de scan gehaald, het boarden duurde (ook omdat er slechts één scanapparaat beschikbaar was) erg lang.

Aan boord werd al gauw duidelijk dat de meeste passagiers nog nooit gevlogen hadden. Sommige mensen hadden meerdere pogingen nodig om de wc-deur open te krijgen en de stewardessen schrokken zich, na het toiletbezoek van een Maleise man, onder luid roepend ‘gadverdamme' rot van wat ze aantroffen. Alleen al door deze taferelen waren we erg blij dat we een stoel bij de nooduitgang en dus bij de pantry hadden, we waren overal van op de hoogte! Toiletbezoek is trouwens een avontuur opzich. Bij het damestoilet trof Hill de instructie aan niet op het toilet te hurken, maar te gaan zitten. (Lijkt ons nogal logisch).

Aangekomen op de luchthaven van Jakarta hebben we een halfuur moeten wachten voordat het vliegtuig bij de gate aankwam en vervolgens nog eens een halfuur voordat we onze bagage hadden. Gelukkig werden we door een zeer vriendelijke meneer opgewacht en werd er een auto voorgereden om ons naar het hotel te bregnen. De rit naar het hotel was, laten we zeggen zeer Aziatisch; de rijbanen werden gebruikt door alle voertuigen doorelkaar en van een tweebaans weg werd met gemak vier of zelfs vijf banen breed. We verbaasden ons direct hoe het mogelijk was dat er zoveel auto's zonder schade op de weg rijden.

Bij het hotel werden we zeer vriendelijk ontvangen. Het portier van de auto werd voor ons opengehouden. de bagage werd door een piccolo op een karretje met van die gouden buizen gelegd en vervolgens naar onze kamer gebracht, we ‘mochten' zelf niet eens de lift bedienen. Bij inchecken werd ons verteld dat het soort kamer dat we geboekt hadden helaas al vol zat en we daarom een upgrade kregen naar een luxere kamer. Wat vervelend nou...! We zitten op verdieping 17 van het hotel, de hoogste!

Compleet gaar van de reis hebben we snel een bord nasi goreng besteld in het restaurant bij het zwembad. Door het vele wachten en het lange zittengingen we na het eten al vroeg naar bed. De nacht was onrustig, duidelijk gevalletje jetlag. Na ruim 12 uur slapen werden we rond 11 uur 's ochtends wakker en zijn we nog altijd moe.

Na een kort bezoek aan het winkelcentrum dat bij het hotel hoort en een ontbijt/lunch bij Starbucks gaan we opzoek naar het geboortehuis van Henny, de moeder van Olav. Voor het hotel vragen we om een taxi naar Jalan Alaydrus, de straat waar we moeten zijn. Geen van de mannen van ons hotel weet waar we moeten zijn en vragen of we zeker weten dat dit het juiste adres is. Als Olav bevestigd en het adres laat zien (want we hebben het opgeschreven) gaat iedereen druk aan het werk. Iemand regelt een taxi, vier mannen duiken het telefoonboek in om het adres op te zoeken, een ander regelt een kaart van Jakarta. Al gauw hebben ze het gevonden en kunnen we met een gerust hart in de taxi stappen. Nog vlak voor we de taxi instappen krijgt Hill het telefoonnummer van één van de concierges in haar hand gedrukt (voor als er iets gebeurt). De taxi rijdt als een malle door de stad en brengt ons rap naar de juiste straat.

Vol ongeloof lopen we door de straat waar Henny gebroren is, op zoek naar nummer 72. Al gauw hebben we het juiste huis gevonden hoewel het geen woonhuis meer is. Het lijkt alsof het pand is opgesplitst in twee winkeltjes. Een ‘HP cartridge store' en een gesloten bakkerijtje met wel één taartje in de vitrine. We maken een aantal foto's en gaan vervolgens opzoek naar een taxi om ons naar het hotel terug te brengen. De rest van de dag besluiten we aan de rand van het zwembad door te brengen.

De taxi die we aanhouden geeft aan te weten waar Hotel Ciputra ligt, maar rijdt wel erg om lijkt na een paar minuten. Omdat we vergeten zijn een ‘hoe en wat in het Indonesisch' te kopen, is het praktisch onmogelijk om bij de chauffeur aan te geven dat we twijffelen aan zijn gekozen route. Met losse woorden en gebaren lukt het uiteindelijk aardig en de chauffeur zegt telkens dat we er bijna zijn.

Compleet gaar komen we weer op de hotelkamer aan, wat zijn wij blij dat we onze reis beginnen in een goed (luxe) hotel! Morgen proberen we op tijd uit ons bed te komen en gaan we Jakarta verkennen.

Doel 1 van de reis naar Indonesië is gehaald: Jalan Alaydrus 72 hebben we gevonden. Via een kleine omweg gaan we nu op weg om doel twee te halen: De plantages waar Ernst is opgegroeid op Sulawesi.

E=MC2

Tijd is relatief! Daar komen wij vandaag maar al te goed achter. Na een aantal uren op de luchthaven van Brussel te hebben doorgebracht (ik vooral slapend - zie foto) stapten we aan boord van de Cityhopper naar Schiphol. Om 15:30u liepen we de aankomsthal van Schiphol in om tot de fantastische ontdekking te komen dat we in 6 uur ongeveer 40 kilometer hadden afgelegd..... Als dit het tempo van onze complete reis wordt zijn we over 5 weken in Dubai, haha! Gelukkig gaat onze vlucht om 20:55u en leggen we dan in een nacht een stuk meer af. Morgenmiddag (lokale tijd) zullen we in Jakarta aankomen om dan compleet tot rust te komen in ons hotel.
Tot rust komen gaat op Schiphol trouwens ook prima (zie foto van Hill) en het vakantiegevoel overheerst gelukkig echt. We zitten op een paar loungestoelen uit te kijken over de start en landingsbanen en we hebben de wekker op half 8 gezet mochten we allebei in slaap vallen. In ons hoekje van Schiphol is het ook lekker chill dus tot onze vlucht gaat is het hier goed toeven. Terwijl we hier nu lekker een paar heerlijk belegde broodjes weg aan het zetten zijn schrijf ik m'n blogje en ik bedenk me dat we echt op vakantie gaan. Dit alles valt samen met het passeren van een hele grote Airbus (300 gok ik) van KLM Asia. Zouden wij ook in zo'n vliegtuig stappen?
Ons volgende blog komt morgen ergens... als we aan het bijkomen zijn van onze jetlag in een heerlijk luxe hotel in Jakarta. Foto's zullen dit blog vast wel halen... of we dit blog ook daadwerkelijk vandaag kunnen uploaden is nog maar de vraag. De WiFi op Schiphol wil niet echt meewerken. Anyway, we gaan er iets moois van maken!

Selamat datang!

We hebben een adres: Jalan Alaydrus 72, Jakarta. We hebben een verhaal: 'Bij Bongomeme linksaf, bruggetje over en daar begonnen de plantages.'. Het is niet veel maar het zou genoeg moeten zijn om terug te keren naar waar mijn ouders vandaag komen. Jakarta en Gorontalo in Indonesië.
Aanstaande dinsdag 10 juli zullen we beginnen aan een rondreis door Indonesië waarin we dus, onder andere, gaan proberen te ontdekken waar mijn roots liggen. Een interessante onderneming waarin we vier eilanden aan zullen doen. In de komende reisverslagen kunnen jullie lezen hoe onze zoektocht gaat en wat voor dingen we nog meer gaan beleven in de 5 (vijf!) weken die we weg zijn.
Hoewel de week voor ons vertrek hectisch is geweest (huis is verbouwd dus we hebben een week niet thuis geslapen - zie foto's) denken we toch goed voorbereid op het vliegtuig te stappen. Het vliegtuig vertrekt echter niet rechtstreeks vanaf Schiphol maar vanaf Brussel waardoor we (na de Cityhopper van Brussel naar Schiphol gepakt te hebben) noodgedwongen 6 uur op Schiphol achter de douane moeten wachten. Gelukkig heeft Hilleke haar e-reader bij zich en kan ze zich daar hopelijk prima mee vermaken. Misschien geeft die 6 uur ook nog wel inspiratie voor een blogje ;-)
De oplettende lezer zal zich afvragen: Van Brussel naar Schiphol? Kun je dan niet op Schiphol gewoon opstappen op het vliegtuig naar Jakarta? Helaas is dat niet zo of je moet meer voor het ticket willen betalen. Dat willen we natuurlijk niet dus dan pakken we die 6 uur op Schiphol maar ook even lekker mee. Duurt de vakantie extra lang zullen we maar zeggen. We hopen dat jullie ons blog allemaal weer volgen om te horen hoe we onze tweede grote reis samen beleven. Een compleet andere dan de Trans-Mongolië Express maar waarschijnlijk niet minder indrukwekkend. Wij wensen onszelf in ieder geval: Selamat Jalan!

Hoezo decadent?

Na een vlucht van amper 40 minuten zitten we weer in Chengdu. Een afstand waar we op de heenreis ongeveer 11 uur over hebben gedaan (in een snikhete bus met een mafketel als chauffeur) ging vandaag van een leien dakje in een airconditioned vliegtuig met een leuk filmpje van wat circusartiesten. - dit eerstestukje is even voor Jules omdat hij wel in de bus zat ;-)

Omdat onze vlucht pas om 5 uur 's middags zou vertrekken hebben we de tijd een beetje doorgebracht met het bekijken van de stad (wat best een opgave is als je zoveel spierpijn hebt als wij) en wat meer informatie opzoeken over de regio waarin wij zijn. Wat blijkt nu: voor de Chinese regering en voor Tibetanen is de regio waarin wij hebben paard gereden Tibet! We zijn dus onofficieel gewoon in Tibet geweest. Dat verklaard ook de hoeveelheid Tibetaanse kloosters etc. We dachten eerst dat die er waren omdat het een grensgebied was en er duseen overloop was van Tibetanen die naar een andere provincie waren gegaan. Niets is minder waar. Ze waren daar al die tijd al :D

Net in Chengdu hebben we in een veel te sjiek restaurant gegeten. Het was al wat laat en we zochten een leuke tent. Onze ervaring leert dat het uiterlijk in China er niet echt toe doet. Hoe slechter de binnenhuisarchitect, hoe beter het eten zullen we maar zeggen. We dachten dan ook dat we een goede tent hadden gevonden... hadden ze alles alleen maar in het Chinees aangegeven!!! Wat een narigheid. En ook geen behulpzame Chinees te vinden die even wilde helpen met vertalen of bestellen ofzo. Zelfs het personeel was ons geloof ik liever kwijt dan rijk. Slechte uitstraling voor hun tent denk ik als er ook buitenlanders komen. Omdat alles om 10 uur sluit en Chinezen je dan echt gewoon hun restaurant uitwerken wilden we snel ergens wat eten. We kwamen langs een tent met twee dames ervoor die graag wilden dat we binnenkwamen en ook een menu aan ons presenteerden. Ha lekker! In het Engels erbij wat het is! Toen we binnen waren drong het pas tot ons door. Het was een van de meest chique tenten van de stad. Er werden zelfs servetten op de schoot van de gasten gelegd. Deze lagen ook niet op tafel maar die kwamen ze brengen. Als je een drankje bestelde hadden ze een aparte inschenktafel en kreeg je alleen het glas op je eigen tafel. Als ze zagen dat het glas leeg was werd deze opgehaald en op de inschenktafel weer bijgevuld. Ook waren er zogenaamde separées waarin mensen compleet afgezonderd konden dineren. Hier hadden we niet op gerekend en we waren als de dood voor de prijzen. En sommige prijzen logen er ook niet om. 88 euro voor een zeekomkommer, 47 euro voor een Zuid-Afrikaanse vissoort en 75 euro voor een kwallensoort. Gelukkig hadden ze ook nog dingen voor Chinese prijzen want daar hadden wij natuurlijk nooit op gerekend en zoveel cash hadden we nou ook weer niet bij ons.

We zitten nu op een riante hotelkamer en we hebben allebei een tweepersoonsbed. Heerlijk! Morgen lekker 11 uur lang in het vliegtuig zitten en dan zit het avontuur erop. Om 15.30u landen we maar voor ons gevoel is het dan al 21.30u. We hebben zoveel gezien en gedaan dat we blij zijn dat we zoveel foto's hebben gemaakt. Je zou bijna vergeten dat ons avontuur 30 dagen geleden in Utrecht begon en we 7 landen zijn doorkruist, het Rode Plein hebben gezien, water uit het Baikalmeer hebben gedronken en paard hebben gereden op de steppes van Mongolië. Gelukkig hebben we de foto's nog die, als het aan ons ligt, in een heel mooi dik boek gaan belanden die iedereen dan ook mag bekijken. Natuurlijk vinden wij het dan weer leuk om de foto's van extra commentaar te voorzien die misschien dit weblog niet hebben gehaald.

Tot gauw en bedankt dat iedereen ons heeft gevolgd. We hebben het met plezier bijgehouden en we hopen veel van onze lezers snel onze verhalen live te vertellen.

Greetz,

Olav en Hilleke

Adembenemend...

En we zijn er weer. Na 3 dagen van paardrijden, slapen op zadeldekens en zuurstofgebrek hebben we net lekker gedoucht en even op een welverdiend bedje gelegen. Maar wat was het fantastisch om te doen! We waren met een klein groepje (wijzelf, nog 1 Nederlandse jongenen twee gidsen) en daar waren we erg blij mee omdat er ook een groep van 25 Slovenen de zelfde paardrijtocht zou gaan maken. We waren als de dood dat we daarbij gevoegd zouden worden maar dit was gelukkig niet zo. Onze gidsen spraken maar 1 woord Engels en dat was 'OK' maar verder begrepen ze niets. Veel gebarentaal geleerd dus de afgelopen dagen ;-)

We voelden ons wel een beetje raar toen we zagen hoe de paarden waren opgezadeld. De zadeltassen etc. waren allemaal over de zadels heen gelegd. Dit betekende dus dat je niet in het zadel zat maar 20 centimeter erboven ongeveer. In het begin zit dit nog even onwennig maar na een tijdje ben je blij aangezien de zadeltassen een stuk zachter zitten dan een hard leren zadel. Vrij relaxed, en vooral genietendvan denatuurlijk om ons heen,kwamen we dan ook rond een uur of 1 al aan bij onze overnachtinsplaats. Deze was op ongeveer 3000 meter hoogte.Hier bleek het volgende. Omdat de Sloveense groep dezelfde tocht maakte gingen ze wel samen met ons overnachten en eten. Wij zouden wel de dag erna lekker vooruit rijden zodat we niet op de groep hoefden te wachten.

De volgende dag hadden we geen bepakking en dat was maar goed ook. We moesten namelijk naar 5588 meter klimmen om Ice Mountain te kunnen zien. Te paard viel dit klimmetje natuurlijk best mee maar toen we boven kwamen merkten we toch dat we op hoogte zaten. Vooral het kortademige omdat er natuurlijk minder zuurstof is. Toen bleek ook nog eens dat, om de paarden wat rust te gunnen, we de afdaling te voet moesten doen. Bij dit soort zware lichamelijk inspanning trad wat ze noemen 'Hoogteziekte' op. Hill had vooral last van misselijkheid, hoofdpijn, duizeligheid en slapende handen en voeten. Ik had vooral last van hoofdpijn en kortademigheid. Ook bij het afdalen werden de symptomen niet echt minder en dat kwam omdat we dan nog steeds op 3000 meter zaten (hoogteziekte schijnt op te treden vanaf ongeveer 2500 meter). Na een dutje werd alles wel beter engisteravond zijn we dan ook rond 8 uur naar bed gegaan! We hebben geen last meer gehad van de Sloveense groep aangezien die het na de afdaling van Ice Mountain voor gezien hielden en zich met een auto direct naar Songpan lieten brengen - de mietjes ;-) -

Wij hebben vandaag nog even lekker paardgereden en genoten van de smalle bergpaadjes waarvan je toch niet begrijpt hoe de paarden zich zo makkelijk hier overheen begeven. Al met al een geweldige afsluiting van de vakantie. We hebben nog ruimte voor 12 foto's op dit weblog en die zullen waarschijnlijk allemaal over deze toch gaan.

Woensdag vliegen we weer naar huis en ik heb nu al zin in een frikadel speciaal met ketchup en extra ui!

Greetz

Van schokkend naar schitterend...

Want dat was de rit naar Songpan vanuit Chengdu. Het was een 11 uur durende busrit over ongeveer340 kilometer. Voor de snelle rekenaars hebben we dus gemiddeld ongeveer 30 kilometer per uur gereden. Sneller was ook niet mogelijk omdat het wegdek zo ontzettend slecht was dat we beter met een 4x4 terreinwagen hadden kunnen gaan. Vooral in het begin van de tocht zag je overal nog de nasleep van de zware aardbeving van mei 2008. Deze aardbeving was 7.8 op de schaal van Richter en heeft meer dan 11000 mensen het leven gekost. Ze zijn nu nog steeds bezig om het puin, wat de reguliere autoweg compleet heeft weggevaagd, op te ruimen. Omdat ze hier dus al ruim twee jaar mee bezig zijn zou je verwachten dat je veel minder schade zou zien maar niets is minder waar. Er lag zelfs nog een autowrak onder een aantal rotsblokken en ook verscheidene bruggen en huizen zijn nog steeds verwoest. We kunnen ons ook nog wel voorstellen dat bij het opschonen van de weg er nog steeds lichamen gevonden worden. Dit betekend voor onze reis in ieder geval dat we door dit gebied reizen en over een provisorische weg naar Songpan worden geleid. Net als elke Chinese chauffeur ging ook vandaag weer de onze vol goede moed(en luid toeterend bij iedereen die hij passeerde op veel te smalle bergweggetjes) op weg. Af en toe stopte hij ook even om met wat mensen te praten die hij kende en stond dan midden op de weg stil, de toeterende auto's achter hem compleet negerend.

De omgeving wordt wel gestadig mooier als je van Chengdu naar Songpan rijdt. De smog die ook boven Chengdu weer hangt wordt minder en na enkele uren in de bus is er niets meer van over en zien we een mooie blauwe lucht. Dit in combinatie met de fantastische bergen en meren, de idyllische stroompjes en Chinezen die met veel te zwaar beladen karren vol hout (of zoiets) over de weg rijden maakt dat je bijna vergeet dat je door een rampgebied rijdt wat nog elke dag wordt herinnerd aan die bewuste dag in 2008.

We zitten nu in een hostel achter de computer om dit blog te schrijven en we hadden verwacht dat we nu echt de Chineze dorpjes in zouden trekken met weinig toeristen etc. Tot onze schrik gaan we morgen waarschijnlijk op 3 daagse paardentrek met een groep van 25 man! Geen idee of dit echt waar is of dat ze ons gewoon bang willen maken maar goed... we zien het wel. Tijdens het schrijven wordt er buiten leuke muziek gespeeld wat komt uit een rijdende entertainment wagen. De muziek is niet het enige want deze beste meneer heeft ook een aapje bij zich tot groot vermaak van het ganse dorp.

Morgen ochtend zullen we dus voor 3 dagen op een paard stappen en dan naar 5500 meter stijgen om een gletsjer te bewonderen. We zijn erg benieuwd hoe we er vanaf komen en we zijn ook erg blij dat we de 11 uur durende busreis niet terug hoeven te maken omdat we voor de terugreis lekker een vlucht geboekt hebben (die maar 40 minuten duurt!).

We slapen voor we terugvliegen naar Chengdu weer in hetzelfde hostel dus als het internet het doet kunnen we jullie vertellen hoe de paardrijtocht was. Foto's uploaden is echter niet mogelijk op deze locatie dus jullie zullen moeten wachten tot we weer in Chengdu zijn voor plaatjes van Icemountain.

Tot gauw en wish us luck ;-)

Olav en Hill

Suffe reuze panda's en Hot Pot.

Gister eind van de middag zijn we geland in Chengdu. Het was een vlucht van niks, 1500 kilometer, dat doen we normaalgesproken gewoon met de trein. Maar het was wel lekker dat we er zo snel waren. De bagage is allemaal goed meegekomen, we waren niet te zwaar. We hebben nog 4 kilo speling, als we de weegschaal van de incheckbalie mogen geloven.

Op de luchthaven was het weer zover. Olav en ik stonden rustig een foto te maken van de luchthaven toen er een Chinees naar me toe kwam om te vragen of hij met ons op de foto mocht. Meestal vragen ze ons en gaat het stiekem niet om Olav, dat hebben we na een weekje wel door. Dus Olav zei al: Ik doe wel een stapje terug, maar deze man wilde ook echt met Olav op de foto. Dus hij heeft mooi twee foto's gescoord!

Bij aankomst werden we door een niet Engels sprekende man opgehaald. Hij liet een smsje zien op zijn eigen telefoon waarin stond dat we even in het hotel moesten wachten zodat we onze bustickets voor naar Songpan konden krijgen. Daarna begon de rit. Deze man, was mijn conclusie, toeterde als een gek en reed zelf als een krant. Voor iedereen die ook maar in de buurt van zijn auto kwam sprong hij op de claxon, maar hij reed zelf 60 op de linkerbaan (van de snelweg). We werden aan alle kanten ingehaald door mensen waar hij bij een stoplicht voor had staan toeteren. Echt gekkenwerk. In dit ritje van 30 minuten heeft hij zijn toeter vaker gebruikt dan ik waarschijnlijk in mijn hele leven zal doen.

De rit hebben we overleefd, en we hebben weer een prachtig hotel. In Jinli street, een straatje achter een grote tempel. We moeten vanaf de receptie dit winnkelstraatje oversteken en een grote poort door (ik voel me net Mulan). Dan kom je op een binnenplaats, daar gaan we de trap op en komen we op een soort galerij. Onze kamer is prima. (Lang niet zo mooi als in Beijing, maar we passen hier wel goed in het bed).

Toen de buskaartjes bij de receptie werden gebracht heb ik om een goed restaurant gevraagd waar we de lokale keuken konden proberen. Nou dat hebben we geweten zeg. Ze zijn hier gek op Hot Pot. Dat is fonduen voor ver gevorderden. Een grote wok met in het midden een apart vak voor een andere fondue wordt gevuld met heet water en rode pepers (hééél vééél rode pepers), het midden gedeelte met heet water en groente en een vis. Je bestelt daar een aantal borden met rauwe producten bij en dat gooi je dan in de pan. Eerst in de buitenring met de pepers, dan afblussen in het midden. Daarna vis je je eten (met je stokjes)uit de wok, wat erg lastig word gemaakt want het water kookt als een gek (dus alles borreld door de pan heen). Voordat we begonnen hebben we driftig om ons heen gekeken wat de Chinezen deden. In welke volgorde gooi je je eten in de pan en hoeveel tegelijkertijd? Wij begonnen bescheiden, maar al gauw kwam er een meisje naar ons toe om te helpen. Zij gooide meteen alle champignons in de wok

Olav dacht dat hij tegen heet eten kon en dat hij wel iets gewend was, van huis uit wordt er bij hem natuurlijk redelijk veel met sambal en pepers gekookt. Maar dit, zo heet, zei hij, had hij nog nooit meegemaakt. Na het eten deden zijn lippen en kin pijn, overal waar de pepers eventueel geweest waren brandde het. Daarom heb ik, als kaaskop, mijn eten alleen maar in het middelste gedeelt gehad. Amateur dat ik ben, maar zelfs dat was al pittig, vond ik dan. Het viel ons ook op dat wij de enige toeristen waren in het restaurant. Wij kregen de kaart te zien met plaatjes, de andere bezoekers kregen een bestelformulier net als in een tapasbar. Maar we hebben het overleeft en kunnen zonder al te veel darmklachten verder.

De volgende ochtend (vandaag) zijn we naar het Panda centrum geweest. We hebben de panda's in het echt gezien! Wat een suffe beesten zijn dat zeg. Als het buiten te warm is worden ze binnen gehouden met de airco aan. Ze eten geen vlees omdat ze te sloom zijn om een prooi te vangen, want officieel zijn het vlees eters. Ze zijn van elende maar bamboe gaan eten, maar dan niet zomaar elke stengel die ze vinden, alleen een bepaalde soort. De penis van het mannetje is erg klein, de vagina van het vrouwtje erg groot, daarom mislukt de bevruchting vaak. En dan vragen we ons af hoe het mogelijk is dat ze met uitsterven bedreigd worden?! De babypanda's worden groot gebracht door mensen in een couveuse.

Maar dat maakt allemaal helemaal niets uit, wat zijn ze toch leuk om te zien. Het maakt niet uit wat ze doen, of ze nou zitten, liggen eten, slapen , knuffelen of suf in bad zitten (zie de foto's). Ze zijn gewoon leuk om te zien! We hadden met een panda op de foto gekund, maar dat was wel heel duur. Je betaalt 1000 Yuan (100 euro) en dan mag je met een twee jaar oude panda op de foto. Eerst hadden we nog bedacht dat we met z'n 2en zouden gaan, maar dan betaal je ook dubbel. Dat hebben ze slim bedacht. Maar Hollanders dat we zijn 200 euro voor een foto gaat ons te ver.

Het is hier nu 17:30 uur, de siesta is voorbij. Het was vandaag zo ontzettend warm dat we allebei geen zin hadden om in die hiite rond te gaan lopen. We hebben een paar uurtjes geslapen en nu kunnen we er tot vanavond laat (als het wel een paar graden is afgekoeld) tegen aan.

Tot de volgende keer, waarschijnlijk na het paardrijden in de bergen, want we vertrekken morgen.

Kus,

Olav en Hill